Fujifilm wil zijn segment “Business Innovation” verzelfstandigen en als afzonderlijke onderneming naar de beurs brengen. Vooruitlopend daarop voert de Japanse multinational dit jaar al ingrijpende veranderingen door binnen de divisie “Graphic Communications”, dat valt onder Business Innovation. Het printerportfolio wordt verkleind en volgens hardnekkige geruchten wil Fujifilm ook de resterende plaatproductie in Japan en China verkopen aan een Chinese concurrent. Los hiervan werd dit jaar een streep gezet door de fotoprint-activiteiten van Fujifilm Imaging Products in Steenbergen, dat valt onder het segment “Imaging”. Wat beweegt de concernleiding van Fujifilm? Een analyse.
Door: Wim Danhof, hoofdredacteur PRINTmatters
Eerst maar even de feiten: Fujifilm wil een belang van minder dan 20% behouden in het af te splitsen Fujifilm Business Innovation. De overige aandelen van die op afstand geplaatste onderneming wil het concern uitkeren aan de bestaande aandeelhouders van Fujifilm Holdings, het moederbedrijf. Fujifilm Business Innovation wordt vervolgens als zelfstandige onderneming genoteerd aan de Tokyo Stock Exchange. De verzelfstandiging moet Business Innovation de ruimte geven om slagvaardiger te opereren, zo wordt erbij vermeld. Fujifilm verwacht dat het proces twee tot drie jaar in beslag neemt, afhankelijk van goedkeuringen, vergunningen en andere vereiste procedures bij betrokken autoriteiten, de beurs en aandeelhouders.
Lage winstgevendheid
Het gaat om een omvangrijke nieuwe onderneming. Business Innovation is met een jaaromzet van bijna € 6,5 miljard het grootste Fujifilm-segment. Tegelijkertijd heeft het de laagste operationele marge van de vier bedrijfssegmenten. Die bedraagt 5,4%, tegenover respectievelijk 25,5%, 22,1% en 5,8% voor de andere drie segmenten: Imaging, Electronics en Healthcare.
Opschoning Graphic Communications
Business Innovation bestaat uit drie bedrijfsonderdelen: naast Graphic Communications zijn dat Office Solutions en Business Solutions. Graphic Communications is daarvan het kleinste, gemeten naar omzet, en omvat de grafische activiteiten van Fujifilm. Juist daar zijn de afgelopen periode ingrijpende strategische keuzes gemaakt; het concern heeft zijn printportfolio gereorganiseerd. Zowel de offsetplatenactiviteiten als verschillende digitale printsystemen zijn onder de loep genomen.
Onvoldoende winstgevendheid
Fujifilm maakte in april 2026 bekend te stoppen met de verkoop van nieuwe systemen uit de Acuity Prime- en Acuity Ultra-series voor grootformaatprint. Voorraden worden afgebouwd, terwijl Fujifilm bestaande gebruikers blijft voorzien van inkt, service, onderhoud en verbruiksartikelen. In het voorjaar van 2026 werd bovendien bekend dat Fujifilm in Europa stopt met de verkoop van de Jet Press 750S en de Jet Press 1160CF. Bestaande klanten blijven wel ondersteund worden. Ook dit zijn digitale persen. De Jet Press 750S is een single pass B2-velleninkjetpers voor commercieel drukwerk en boeken, terwijl de 1160CF een rotatie-inkjetpers is. De achtergrond is vooral economisch. Fujifilm heeft tegenover Print Monthly aangegeven dat de betrokken printsystemen al langere tijd onvoldoende winstgevend zijn.

Fujifilm levert in Europa niet meer deze single pass B2-formaat velleninkjetpers Jet Press 750S.
Selectiever in digitaal
Een door de markt als technisch sterk beschouwde digitale pers als de Jet Press 750S is daarmee niet automatisch een aantrekkelijk product voor Fujifilm. Het concern kiest een selectievere strategie voor het portfolio van digitale printproductiesystemen. Tegelijkertijd blijft het bedrijf investeren in digitale printtechnologie. Het noemt digitale tonerpersen met een vijfde kleurstation, digitale persen voor flexibele verpakkingen, inkjetprintkoppen en UV- en watergedragen inkten als strategische groeigebieden voor Graphic Communications. De hieronder uitgelichte Jet Press FP790 voor flexibele verpakkingen past bijvoorbeeld in dat plaatje. Digitale printproductie kan in dat marktsegment voordelen bieden bij kleinere oplagen, veel varianten en snelle wisselingen tussen opdrachten.
Ook inkjetprintkoppen en inkten bieden Fujifilm een interessant verdienmodel. De technologie kan in verschillende machines en toepassingen worden ingezet. Inkten leveren bovendien een terugkerende omzetstroom op.

Mogelijk ook drukplaten van de hand
Fujifilm had in Europa al afscheid genomen van de productie van drukplaten. De plaatproductielijn in Tilburg werd in 2023 stilgelegd. De productieactiviteiten in Japan en China bleven echter bestaan. Fujifilm had eerder aangegeven dat de platenactiviteiten dankzij een slankere structuur konden uitgroeien tot een kaskraker. Nu circuleren volgens vakblad Printweek echter geruchten dat Fujifilm ook de resterende platenactiviteiten in Japan en China wil verkopen aan een Chinese concurrent. Fujifilm heeft deze geruchten vooralsnog niet bevestigd. Een eventuele verkoop zou wel aansluiten bij de huidige strategie. De offsetplatenmarkt is volwassen en wordt geconfronteerd met structurele volumekrimp en druk op de marges. Een eventuele verkoop zou daarmee passen bij dezelfde (bovengenoemde) rendementsgedreven benadering die Fujifilm toepaste op delen van zijn digitale printportfolio.
Voorbereiding op zelfstandigheid
De verschillende strategische ingrepen bij het bedrijfsonderdeel Graphic Communications kunnen moeilijk los worden gezien van de voorgenomen verzelfstandiging van het overkoepelende Business Innovation. Fujifilm maakt dit segment niet alleen juridisch zelfstandiger, maar lijkt het ook inhoudelijk te willen positioneren voor een zelfstandige toekomst. Een nieuwe beursgenoteerde onderneming moet duidelijk kunnen maken waar de groei vandaan komt en hoe het kapitaal wordt ingezet. Een tot voor kort breed portfolio met activiteiten die – deels – weinig rendement opleveren, frustreert die ambitie. Ook qua efficiëntie heeft Business Innovation stappen gezet: dit segment bezit 75% van Global Procurement Partners. Dat is de joint venture die in 2025 samen met Konica Minolta werd opgericht voor gezamenlijke inkoop.
Volop consolidatie
De huidige dynamiek bij Fujifilm past in een bredere ontwikkeling in de internationale grafische industrie; 2026 is een druk jaar qua fusies, overnames en strategische herstructureringen. Zo werken UPM en Sappi aan een omvangrijke Europese joint venture rond de productie van grafisch papier, die eind 2026 moet zijn afgerond. En Heidelberger Druckmaschinen neemt de wereldwijde verkoop- en serviceactiviteiten van Manroland Sheetfed over, inclusief circa 600 medewerkers. De rode draad: fabrikanten en toeleveranciers zoeken schaal, proberen kosten te verlagen en maken scherpere, rendementsgedreven keuzes over welke activiteiten zij zelf blijven uitvoeren.
Fujifilm Steenbergen: slachtoffer van dezelfde concernlogica
De portefeuilleherstructurering bij Fujifilm blijft niet beperkt tot het segment Business Innovation en de daaronder vallende Graphic Communications-activiteiten. Ook binnen de afzonderlijke Imaging-organisatie wordt stevig ingegrepen. Een opvallend voorbeeld is Fujifilm Imaging Products & Solutions in Steenbergen, waar Fujifilm dit jaar vrijwel de complete productie van traditionele én gepersonaliseerde fotoproducten beëindigt. Daarmee verdwijnen er 107 van de 130 arbeidsplaatsen.
Qua digital print-activiteiten in Steenbergen is deze timing hoogst opmerkelijk. In 2024 werd er in recordtijd een nieuwe Digital Press-productieomgeving opgebouwd, nadat Fujifilm een Duitse productielocatie had gesloten. In slechts zeven maanden werd een complete productieketen ingericht, met onder meer twee nieuwe Jet Press 750S-velleninkjetpersen en geautomatiseerde afwerking voor fotoboeken, kalenders en andere gepersonaliseerde fotoproducten. Begin 2025 ging de nieuwe afdeling al produceren. Nog geen anderhalf jaar later wordt die activiteit alweer afgebouwd, en per 1 januari 2027 stopgezet. Volgens Fujifilm zijn de marktomstandigheden voor fotoafdrukken en fotoboeken moeilijk en zijn de activiteiten, ondanks pogingen om ze winstgevend te maken, onvoldoende rendabel.
De kloof tussen mondiaal en lokaal
Op lokaal niveau komt zo’n beslissing wellicht absurd over: er zijn immers nog maar kort daarvoor miljoenen euro’s geïnvesteerd in een compleet nieuwe productieketen. Op concernniveau is de afweging echter anders. De casus “Steenbergen” laat eenzelfde rendementsgedreven benadering zien als de ingrepen binnen Graphic Communications. Fujifilm lijkt activiteiten niet alleen te beoordelen op technische mogelijkheden of omzetbijdrage, maar vooral op hun toekomstige rendement en strategische waarde.
De ratio regeert
Fujifilm is een miljardenconcern met meerdere bedrijfsonderdelen, waarvan sommige structureel hoge rendementen en operationele marges realiseren. Kapitaal dat vastzit in activiteiten met een laag of onvoldoende rendement kan, vanuit de holding bezien, beter worden vrijgemaakt en opnieuw worden geïnvesteerd in bedrijfsonderdelen met hogere groeiverwachtingen en een hoger rendement op dat geïnvesteerde kapitaal. Een zeer recente en dus nog verre van afgeschreven investering in een state-of-the-art digital-press-afdeling in Steenbergen is voor de concernleiding niet per definitie een reden om zo’n activiteit overeind te houden. De investering uit het verleden is vanuit economisch perspectief een sunk cost. De relevante vraag is welk rendement het resterende kapitaal vanaf vandaag nog kan opleveren.
Daarmee vormt Fujifilm Imaging Products & Solutions in Steenbergen een illustratie van dezelfde harde kapitaal-allocatielogica die ook zichtbaar is in de herstructurering van Graphic Communications als bedrijfsonderdeel van het segment Fujifilm Business Innovation. Dat betekent overigens niet dat de sluiting van de activiteiten in Steenbergen rechtstreeks voortvloeit uit de voorgenomen verzelfstandiging van Business Innovation. Steenbergen valt immers onder Imaging. De overeenkomst zit vooral in de manier waarop Fujifilm als concern naar zijn activiteiten lijkt te kijken: waar rendement en groeiperspectief onvoldoende zijn, wordt ingegrepen, zelfs wanneer daar nog maar kort daarvoor aanzienlijk in is geïnvesteerd.
Verschillende belevingen
Dat maakt de ontwikkeling in Steenbergen relevant voor de bredere strategie van Fujifilm. Het bedrijf investeert volop in lucratieve domeinen, ook door kapitaal vrij te spelen via soms rücksichtlose afwaarderingen op misschien nog niet eens verlieslatende, maar wel minder toekomstbestendige activiteiten. Wat bij Fujifilm in Steenbergen op fabrieksniveau als een absurde kapitaalvernietiging kan aanvoelen, wordt op concernniveau juist als kapitaalefficiëntie beschouwd.
